Logo konvib-312

Slide background
Slide background
Slide background
Slide background
Slide background
Slide background
Slide background
Slide background
Slide background
Slide background
Slide background
Slide background
Slide background
Slide background
Slide background
Slide background
Slide background
Slide background
Slide background
Slide background
Slide background

Bron: Maandblad van de Vlaamse Imkersbond
Jaargang: 100
Jaar: 2014
Maand: September
Auteurs: Jef Croonenberghs

Verpachten van bijenvolken

In het voorgaand nummer heb ik erop gewezen dat men de dag van vandaag niet meer mag verwachten dat een bevriend imker een bijenvolk wegschenkt om een collega – wiens bijenstand teloor is gegaan of gedecimeerd – te helpen om die opnieuw te bevolken of aan te vullen. Niemand weet immers of hij binnen zes weken of zes maanden zelf niet in de penarie zal zitten. Niemand heeft nog bijen te veel. Niemand heeft er nog genoeg. Zelfs verkopen was vroeger in vele gevallen al een vriendendienst waar nu niet meer op kan – en ook niet mag – gerekend worden.

39 1

Veepacht

Er is evenwel een oplossing die al eeuwen lang in gebruik was met name de VEEPACHT 1. Deze materie is geregeld bij art. 1800 en volgende van het Burgerlijk Wetboek van onze aloude Code Napoleon. Art. 1800 bepaalt: VEEPACHT is een contract waarbij de ene partij aan de andere vee geeft om het te bewaken, te voeden en te verzorgen onder zodanige voorwaarden als tussen hen is overeengekomen.’

De volledige tekst vindt u onder de term VEEPACHT op Google en ik ga die hier niet overnemen of becommentarieren. Ik denk dat onze lezers het best gediend zijn met een voorbeeld van een dergelijke overeenkomst van veepacht dat als model kan dienen voor een overeenkomst van verpachting van bijenvolken. Dat bijenvolken als vee moeten beschouwd worden zal wel niemand betwijfelen (zie art. 1802).

Voorbeeld van overeenkomst

Op datum van .......... is tussen A en B (volledige identiteit en adres) overeengekomen wat volgt:

Art. 1.

Imker A, verder genoemd de ‘verpachter’, verpacht aan de imker B, verder genoemd de ‘pachter’, die dit aanvaardt aan de voorwaarden die hierna zijn vastgelegd, een (of September 2014 • Vlaamse Imkerbond 15 meer) bijenvolk dat beantwoordt aan de hiernavolgende kenmerken die de pachter zelf samen met de verpachter heeft vastgesteld.

Art. 2. Beschrijving van het bijenvolk.

A. Gezondheidstoestand

• Het volk vertoont geen tekenen van enige ziekte.

• Het volk vertoont volgende tekenen van mogelijke ziekten: nosema – kalkbroed – Amerikaans vuilbroed – Europees vuilbroed, andere ziekten of parasieten … Zoals blijkt uit het diergeneeskundig getuigschrift afgeleverd door dr. ……… , dat hier is aangehecht of zoals door de pachter samen met de verpachter zelf is vastgesteld.

B. Samenstelling

Volwassen bijen: Het volk omvat bij benadering een aantal bijen dat overeenstemt met x aan weerskanten volbezette ramen.

Broed:

Het volk omvat ongeveer ..... dm2 open en gesloten broed, darrenbroed niet meegerekend.

Koningin:

Het volk bezit een koningin gemerkt als volgt (kleur + nr.) van het ras ………. De verpachter verklaart dat:

• De koningin kunstmatig bevrucht werd op datum van ……… door de verpachter - of door inseminator NN met sperma afkomstig van.....

• De koningin vrij bevrucht werd op de stand van de verpachter tussen (datum en datum)

• De koningin bevrucht werd tussen datum en datum op de bevruchtingsstand .........

Noot: Die beschrijving van het bijenvolk is van belang wanneer in de overeenkomst bedongen wordt dat de pachter tijdens de duur van de pacht of bij het beeindigen ervan aan de verpachter een gelijkwaardig bijenvolk moet teruggeven.

Art. 3.

1. Algemene voorwaarden.

Deze overeenkomst wordt gesloten onder voorwaarde dat de totaliteit (of de helft) van de opbrengst van honing en andere bijenproducten aan de pachter zal toekomen en dat de pachter aan de verpachter een aantal lege raampjes in goede staat zal overhandigen dat gelijk is aan het aantal ramen dat voorhanden was in het verpachte volk (eventueel aan te vullen met bedrading en/of wastafels enz. of uitgebouwde ramen).

2. Genot van de opfok.

De opfok van het verpachte volk, hetzij natuurlijke zwermen, kunstzwermen of afleggers komt in volle eigendom aan de pachter.

3. Indien het verpachte volk teniet gaat buiten de schuld van de pachter draagt de verpachter het verlies.

4. Duur van de overeenkomst.

De overeenkomst wordt gesloten voor een duur van twee jaar. Bij het verstrijken van die termijn moet de pachter aan de verpachter een bijenvolk teruggeven dat gelijkwaardig is aan datgene dat hij in pacht heeft gekregen. De pachter kan vervroegd een einde stellen aan de overeenkomst door aan de verpachter een bijenvolk terug te geven dat gelijkwaardig is aan datgene dat hij in pacht heeft gekregen.

Art. 4. Verplichtingen van de pachter.

De pachter moet het verpachte volk behandelen zoals een goed imker en volgens de regels van de kunst. Hij moet de verpachter stelselmatig op de hoogte houden van de ontwikkeling van het verpachte volk en hem in de mogelijkheid stellen het volk te inspecteren (meer bepaald in het geval waarin de verpachter aanspraak kan maken op de helft van de honingopbrengst).

Art. 5. Slotbepaling.

Deze overeenkomst werd te goeder trouw gesloten op .......... en in twee exemplaren waarvan een voor elke partij ondertekend.

Moet dat zo uitvoerig op papier?

Neen, dat hoeft niet, men kan dat allemaal mondeling en in goed vertrouwen afspreken. Vroeger waren daar trouwens zelden of nooit problemen mee: iemand schonk een volk of een zwerm aan een collega en daarmee was de kous af. Maar men kan, zoals in de aanhef al gezegd, daar de dag van vandaag niet meer op rekenen.

Hoofdzaak is dat iemand die een dienst bewijst eigenlijk wel aanspraak kan maken op een wederdienst. Een imker die in deze onzekere tijden zijn bijenstand vermindert met een of meer volken om een getroffen kameraad te helpen, zou bij wijze van wederdienst een zwerm of een aflegger moeten terugkrijgen om zijn imkerij opnieuw te vervolledigen. Of omgekeerd, zijn eigen volk terugkrijgen nadat de ‘pachter’ er een zwerm of een aflegger van heeft betrokken.

1 Zelfs in het prekoloniale Rwanda en Burundi bestond een vorm van verpachting van vee waarbij een Tutsi-veehouder een koe ‘verpachtte’ aan een andere Mututsi of zelfs aan een Muhutu in ruil voor een aantal jaren ‘Herendienst’, waarna de koe dan eigendom kon worden van de pachter. De kalveren kwamen echter toe aan de verpachter zodra ze gespeend waren.