Logo konvib-312

Slide background
Slide background
Slide background
Slide background
Slide background
Slide background
Slide background
Slide background
Slide background
Slide background
Slide background
Slide background
Slide background
Slide background
Slide background
Slide background
Slide background
Slide background
Slide background
Slide background
Slide background

Bron: Maandblad van de Vlaamse Imkerbond
Jaargang: 99
Jaar: 2013
Maand: januari-februari
Auteurs: Bart Vandepoele

De Vlaamse imker geconfronteerd met te beperkte plantendiversiteit

Buikgevoel van een imker

f1Het bijenvraagstuk met meerdere onbekenden (varroamijten, virussen, pesticiden, minder bloemen, klimaatopwarming, straling …) is ieder van ons wel bekend. Het ene jaar komen alle volken goed uit de winter en heb je het gevoel dat je het kan. Het volgende jaar blijkt dat met dezelfde handelingen de helft van de volken toch gestorven zijn. De ontgoocheling is groot en het raden naar een oorzaak werkt deprimerend.

Mijn buikgevoel drijft me naar cocktails van pesticiden en het verschrompelen van de bijenweide. Bewijzen kan ik niet, maar:

• Ik zie mijn buurman boer die graslanden sproeit met daarin bloeiende paardenbloemen.

• Ik mag met mijn bijen naar het koolzaad die net behandeld zijn met systemische insecticiden tegen kevertjes.

• Ik zie hoe gemeentelijke hoekjes gesnoeid worden voor ze kunnen bloeien.

• Ik zie zeer propere landbouwgewassen met niet één onkruidje.

• Ik zie braakliggende bouwgronden vol klaver die men komt maaien.

• Ik zie doodgesproeide graslanden en randen.

• Ik zie perfecte aangelegde en geschoren tuinen met een lavendelrandje.

• Ik zie halfmei bermen maaien.

• Ik zie dat men een rij platanen aanplantte in de nieuwe wijk.

• Ik zie een nette gemeente met perfecte weldadig bloeiende surfiniazuilen.

• Ik zie perfecte goedbemeste gazons zonder klaver. Leve de selectieve onkruidverdelging!

• Ik zie bloeiende groenbemesters in september die men maait.

• Ik zie hoe ijverige vrijwilligers alle wilgen in één keer knotten.

Imkers voelen zich al jaren ook wel verbonden met de natuur. Ze planten allerlei struiken en bomen, delen stekken uit. Kweken dikwijls op biologische wijze groenten. Zijn bezorgd om het milieu. In de maandbladen verschijnen allerlei artikels over andere insecten. Ze timmeren insectenhotels voor solitaire bijen. Ze hebben het dan moeilijk dat volwassen bomen die er reeds tientallen jaren staan, plots niet meer soorteigen en inheems genoeg zijn. Ze voelen zich genomen. Stroeve communicatie zorgt voor extra frustratie.

De imkerij en zijn calimerocomplex

‘Zij zijn groot en ik is klein en da’s niet eerlijk, o nee’, zegt Calimero.

• Een gevoel dat imkers kennen als ze in confrontatie gaan met de farmaceutische industrie.

• Maar ook het gespeelde medeleven en het steeds herhalen van de bijensterfte in de media duwt de imker in de calimerorol.

• Ook bij het kappen van kastanje, acacia, …

• Zelfs aan de deur bij het afhalen van een potje honing, voel je het. Ze doen hun best om zich in te leven. ‘Het gaat niet zo goed met de bijtjes, hé’. Voilà, je krijgt je zeven seconden medeleven.

Fiere imkers kunnen meer!

Genoeg gejammer, tijd voor positief nieuws. Een hobby met allure! Als je al eens 100 jaar bestaat, dan kan je dat geen eendagsvlieg meer noemen. Dat imkers zich verenigen is zo simpel als een bijenkorf, maar soms vergeten we dat we een hobby hebben met heel veel mooie kanten. Troeven die we te weinig uitspelen naar het brede publiek en bij onderhandelingen met andere partners.

• De wondere bijenstaat.

• Het bestuivingsverhaal.

• Cultuur- & erfgoed.

• Natuur- & streekproduct.

• Medicinale eigenschappen.

• Parameter voor ons milieu.

• Natuurliefhebbers.

Wat kunnen we leren van onze groene vrienden?

Soms is het eens handig om zaken van een andere kant te bekijken. Wat maakt een partij sterk of zwak? Misschien kunnen we iets leren van die andere? Wat kunnen we leren van Natuurpunt?

• Tien jaar geleden bestond deze natuurvereniging uit verschillende groeperingen met elk hun eigen blad, ledenlijsten en werkingen; eigenlijk hadden ze gemeenschappelijke doelen. Eén naam, één communicatie, is veel krachtiger.

• Neem steeds je logo en slogan mee, bij samenwerking met anderen (educatieve centra, heraanleg van het park, …)

• Elke vierkante meter telt, misschien ook wel waar voor bijen?

• Durf met een sponsor in zee gaan.

• Doe aan positieve communicatie naar het brede publiek, als je je boodschap blijft herhalen, komt het er ooit wel van.

• Weet wat je wilt als organisatie, dat is makkelijker voor de minister of het kabinet die je projecten beoordeelt.

Vijanden van vandaag misschien wel partners van morgen?

De oprukkende verstedelijking, de steriele agro-industrie, het chemiegebruik door particulieren, zorgen onder andere voor minder biodiversiteit en een teloorgang van de bijenweide. Dat ieder opkomt voor zijn waarden en beesten kan niemand kwalijk nemen. Misschien moeten we toch op zoek naar win-winsituaties. Waarom zouden natuurvereniging en bijenhouders niet de krachten kunnen bundelen?

• Het op tafel leggen van de verouderde distelwet. Onder de mom van distelbestrijding worden heel wat braakliggende gronden dood gesproeid of veel te vroeg gemaaid. Zowel vlinders, hommels als honingbijen kunnen hier van profiteren.

• Aandacht blijven eisen van milieudiensten en openbare besturen om het bermdecreet goed na te leven. Elk jaar proberen aannemers toch voor 15 juni bermen te maaien. Als we met zijn allen het belangrijk vinden dat bloemrijkere bermen ontstaan, telt elke vierkante meter.

• Gezamenlijk lobbywerk bij de VLM om akkerranden uit te breiden met bloemenmengsels. Als boeren premies ontvangen voor meerjarige bloemenranden komt dit ten goede aan heel wat insecten. Het brengt ook meer betrokkenheid van de landbouwer en de passant.

• Samen aanwezig in milieuraden in onze gemeentes, samen voor soorteigen, inheemse en stuifmeelleverende bomen en struiken in gemeenteplantsoenen.

• Samen voor kleine landschapselementen, bloeiende struiken voor bijen.

• Open communicatie en water in de wijn kan veel opleveren, als de imker belooft geen invasieve soorten uit te gaan zaaien en als Natuurpunt iets minder kritisch zou kunnen zijn voor allerlei zaadmengsel in minder kwetsbaar gebied? Wat zou de wereld toch mooi kunnen zijn!

Acties om het tij te keren

f2We kunnen als bijenbond, plaatselijke vereniging en als individuele imker niet aan de zijlijn blijven staan wat de bijenweide betreft. Naast de vele andere taken die onze hobby rijk is, komt nu ook het behoud en de uitbreiding van de grote bloementuin. Mentaliteitswijzigingen bij tuinliefhebbers, tuinarchitecten en particulieren is heel erg nodig. Hieronder een aantal hersenspinsels van projecten en acties die deze positief kunnen beïnvloeden.

A. Wat kan de bijenbond doen?

• Aanmaken van kant- en klaar pakketten voor gemeentebesturen. Een doos met tips en info voor milieudiensten en politiekers waar je als plaatselijke imker je verhaal kan mee staven (zaadleveranciers, snoeiinstructies, stuifmeelleverende planten, voorbeeldjes voor in hun milieukrant).

• Brochure voor tuinaanleggers, bedrijventerreinen.

• Aanleg van voorbeeld bijentuinen. Aanbieden van tips en info bij aanvragen door gemeentebesturen. Maar ook promotie en communicatie zijn hierbij belangrijk.

• Een folder voor honingklanten met tips voor bijenvriendelijk beheer van de tuin. Laat klaver in je gazon, snoei de liguster eens niet, gebruik minder pesticiden, …

• Aanmaken van leuke stickers, over bloemen en bijtjes.

• Misschien moeten we zelf ook eens een subsidieproject indienen bij de Vlaamse Overheid om extra steunmatregelen te promoten voor de bijenweide met meer nadruk op houtige vegetatie.

B. Wat kunnen plaatselijke verenigingen doen?

• Start eens een project met een sponsor. Nadenken om bijenkasten te laten adopteren door BV’s, bedrijven of openbare besturen.

• Geef kansen aan natuurimkeren, steun of ga voor een stadsimker in de buurt.

• Zet je acties positief in de pers.

• Werk samen met andere verenigingen om cursussen te organiseren.

C. Wat kan de individuele imker doen?

• Heel wat imkers zijn overtuigd dat pesticiden een grote rol spelen bij bijensterfte. Leven we daar dan zelf ook naar en gebruiken we zelf bioproducten?

• Probeer één klas per jaar te ontvangen bij de imker. Waar we van houden, dat willen we niet kwijt. Educatie is belangrijk.

• Probeer aansluiting te zoeken in milieuraden dan kan je soms iets bijsturen bij beplantingsplannen.

• Wees ambassadeur voor de bijen, hang een affiche, plak een sticker, vertel bij een folder, blijf positief.

• Neem deel aan plantenmarkten georganiseerd door imkersverenigingen.