Bron: Maandblad van de Vlaamse Imkersbond
Jaargang: 101
Jaar: 2015
Maand: Juni
Auteur : Freddy Franck

Phacelia Tanacetifolia

Phacelia wordt in de volksmond ook bijenvoer, bijenvriend of bosliefje genoemd. Deze koosnaampjes verraden het enorm belang van deze plant voor onze bijen. Het grote voordeel is dat de plant, ooit ingevoerd als sierplant, niet enkel interessant is voor de imkerij maar ook voor de landbouw, en industrie.

Phacelia tanacetifolia behoort tot de bosliefjesfamilie (Hydrophyllaceae, waterbladigen), deze familie werd begin deze eeuw algemeen opgenomen in de 32 1ruwbladigenfamilie (Boraginaceae). De plant heeft als natuurlijk verspreidingsgebied Californië, Arizona, Nevada en Noord-Mexico. Momenteel komt hij op sommige plaatsen in onze contreien reeds verwilderd voor.

Afhankelijk van de groeiomstandigheden wordt de plant 40 tot 80 cm hoog. De stengels zijn hol en aan de top behaard. De bladeren zijn dubbelgeveerd. De blauwviolette tot helderblauwe eindstandige bloemen zijn het bestuderen waard.

De bloeiwijze is een schicht. De kelk vormt een klokje dat omhoog gericht is, met daarin een trechtervormige kroon. De meeldraden steken ver buiten deze kroon en de nectarklieren liggen dieper in een cirkel rond het vruchtbeginsel.

Phacelia groeit op vrijwel alle grondsoorten, met uitzondering van zware klei en zeer kalkrijke bodems. Ook al geniet hij van een goede bemestingstoestand, een kruimelige bodem en een zonnig plaatsje, toch zal hij groeien op schrale gronden, zelfs met wat minder licht, zoals onder fruitbomen.

Phacelia is een interessante groenbemester. Na een trage start, groeit het gewas zeer snel uit tot een bodembedekker die het meeste onkruid meester blijft. Distels en melde durven phacelia te overgroeien en vroeg in het voorjaar durft muur onder het doodgevroren gewas te woekeren.

Hij heeft geen verwante cultuurgewassen, wat het risico op ziekteoverdracht vermindert. Helemaal veilig is hij echter niet, er werden reeds problemen gesignaleerd met bepaalde schimmels uit het Phoma-, Verticillium- en Pythiumgeslacht.

Ook sommige vrijlevende en wortellesieaaltjes vermenigvuldigen zich sterk in het gewas. Een groot voordeel is dan weer dat hij bepaalde plaaginsecten weglokt van bepaalde cultuurgewassen en hij de populatie emelten in de bodem onderdrukt. Bij de eerste vorst sterft het gewas af. De stengels verpulveren zodat het gewas zich gemakkelijk laat inwerken.

De zaden bevatten veel olie en kunnen daardoor de winterkou doorstaan. Ze zijn gegeerd door vogels en kleine zoogdieren die hier overwinteren. De zaden die blijven liggen, zorgen voor opslag in het voorjaar. Dit kan vervelend zijn voor de landbouwer. Daarom zaaien sommige boeren veel later op het jaar phacelia zodat het gewas niet meer in bloei komt. Er gebeurden ook proeven met phacelia als voedergewas, maar blijkbaar met weinig succes. Bovendien zou het gewas geoogst moeten worden voor de bloei.

Imkers zaaien phacelia zo vroeg mogelijk (april). 100 g zaad per are is voldoende. Let wel op het duizendkorrelgewicht (gewicht van 1000 korrels) van het aangekocht lot. Momenteel is er keuze uit een vijftal rassen.

Diepe bodembewerking is niet noodzakelijk. Het zaaibed is wel best fijn verkruimeld. De zaden van deze donkerkiemer worden 1 à 2 cm diep gezaaid. Na het zaaien wordt het zaaibed met een rol goed dicht aangedrukt.

Phacelia is een uitstekende bijenplant (nectar: 5 en stuifmeel: 5). Toch dient de plant over voldoende bodemvocht te beschikken om zijn nectar optimaal af te geven. Anna Maurizio schat de honingopbrengst tussen 200 en 500 kg per hectare. De zacht aromatische honing is wit tot geelgroen, met soms een vage rode gloed. Hij is pollenrijk en moet 90% phaceliapollen bevatten. De honing kristalliseert vrij gemakkelijk tot een smeuïg product. Voor stuifmeel scoort hij in alle omstandigheden zeer goed (250 tot 1000 kg per hectare).

Naast sierplant, groenbemester, bijenplant is het ook een aromatisch kruid. Uit de bloemen wordt door extractie een geurend concentraat verkregen. Deze concentraten worden in de cosmetica absolue genoemd en worden vooral in dure parfums verwerkt.

Tot slot een oproep aan ieder van u: gezien het polyvalent karakter moet de imker inspanningen leveren om phacelia op ruimere schaal te introduceren bij onze land- en tuinbouwers, hobbytuinders en ook openbare besturen. Beginnen kan in eigen tuin. Veel succes!