Logo konvib-312

Slide background
Slide background
Slide background
Slide background
Slide background
Slide background
Slide background
Slide background
Slide background
Slide background
Slide background
Slide background
Slide background
Slide background
Slide background
Slide background
Slide background
Slide background
Slide background
Slide background
Slide background

Bron: Maandblad van de Vlaamse Imkersbond
Jaargang: 101
Jaar: 2015
Maand: December
Auteur : Antoine Combe

Malus en Tilia: twee toppers

Dat de bomen zeer belangrijke drachtplanten zijn, zowel wat nectar als stuifmeel betreft, hoeft geen betoog meer. De concentratie aan bloemen per boom, bijvoorbeeld bij een volwassen lindeboom, is heel groot. Voor onze bijen is dit een geschenk, het bespaart hun heel wat vliegenergie. Dat we voor een zo ruim mogelijke diversiteit moeten zorgen, zal ook iedere imker beamen en niet het minst onze bijen. Diversiteit komt de gezondheid van de bijen ten goede daarenboven spreidt ze de bloeiperiode over een langere periode. Met dit doel voor ogen wil ik uw aandacht vestigen op een assortiment, binnen twee genera of geslachten, nl. Malus en Tilia, de appelbomen en de lindebomen. Dit assortiment heeft heel wat te bieden voor onze bijen en hebben tevens een grote sierwaarde. We overlopen hier enkele taxa van beide genera, daarbij grootte bomen voor wie de ruimte heeft maar ook kleinere bomen die meer geschikt zijn voor de steeds kleinere tuinen.

Malus – Appel

Eerst het geslacht Malus. We kunnen dan ook niet anders dan onze eetappels Malus domestica en al zijn variëteiten te promoten. Onze voorkeur gaat de oude rustieke gezonde soorten, bv. de RGF selectie van Gembloux, op hoogstam. Zie ook de site van onze Nationale Boomgaardenstichting, zij bieden een zeer ruime keuze aan zowel laagstam als hoogstam variëteiten.

Heel wat van deze variëteiten zijn resistent tegen kanker, witziekte en schurft. Een hoogstamboomgaard is een streling voor het oog, en biedt niets dan voordelen, prachtige bloei, beste honing en een lekkere appel vol vitaminen voor de winter.

Maar het genus Malus heeft meer te bieden, daarom wil ik u graag enkele botanische soorten, soorten die in het wild voorkomen, en die ook een zeer aantrekkelijke sierwaarde hebben, voorstellen. Uiteraard zijn het ook uitstekende drachtplanten, bovendien zijn ze diploïd en leveren ze goed stuifmeel voor onze eetappelsoorten.

  • Malus bacata, dit is een sierappel afkomstig uit China. Ieder jaar opnieuw draagt hij een massa witte bloemen in mei. De helderrode vruchten, ook kersappeltjes genoemd, blijven tot in het voorjaar aan de boom hangen tot groot genoegen van de vogels. In de herfst kleuren de bladeren geel. De habitus is breed bolvormig. Interessante selecties zijn M. bacata ‘Gracilis’ en Malus bacata ‘Jackii’.
  • Malus hupehensis,
  • 59 159 2

Malus floribunda, dit is een topper uit Japan. Gezonde boom, de bloei einde april is prachtig, massa’s rode roze knopen die open bloeien tot mooie wit roze bloemen. De habitus van de boom is mooi rond en compact. In de herfst kleuren de bladeren geel. Veel gebruik in kruisingen voor het bekomen van nieuwe soorten. Een echte sierboom voor de tuin.

  • Malus sargentii is een kleine tot middelgrote struik afkomstig uit Japan. De ornamentale waarde is gekend maar spijtig genoeg te weinig geplant. De habitus is rond bolvormig. De bloei, begin mei, is zeer rijk en zoals de vorige roze-wit. De kersappeltjes zijn donker rood en melig, het zijn kleine vitamine C bommetjes. De bladeren kleuren geel in de herfst. Niet te vergeten de selectie Zeer compacte groei en zeer rijke bloei. Een hebbedingetje. Wie een origineel haagje wil planten kan ik deze Malus ‘Tina’ sterk aanbevelen.

Tilia – Linde

Over naar de volgende suggesties, de Lindebomen, zij behoren tot de lievelingsbomen van de imkers en terecht. Maar als we goed nakijken is het huidige aangeplant assortiment niet zo groot. Om die reden is het nuttig eens te kijken wat het genus Tilia te bieden heeft. Uit de talrijke soorten, botanische en hybriden heb ik er enkele uit gestipt die voor de imkers zeker interessant zijn. Eerst een woordje uitleg over de meest voorkomende soorten.

  • Tilia x Europeadit is een kruising tussen Tila cordata en Tilia plathyphylos of liever, de Hollandse linde is een kruising tussen de winterlinde en de zomerlinde. De Hollandse linde is een grote boom, wordt heel veel geplant als laanboom ook in de parken. De bloei is rijk en vroeg, het is goede en geliefde drachtplant.De tuiltjes bestaan uit 4 à 10 bloempjes Hij heeft een nadeel, de veelvuldige wortelscheuten kunnen vervelend zijn.
  • Tillia platyphylos
  • Tilia cordata
  • Tilia insularis, weinig of onbekend, origine Zuid Korea. Kleine tot middelgrote boom. De bloei, in juli is effenaf spectaculair, tot 60 sterk geurende bloemen per tros! Een echte aanrader voor de imkers. Spijtig is deze boom niet gemakkelijk te vinden. Tilia japonica wordt vermeld in de literatuur, maar is zeer gelijkend op T. insularis. Voor de meeste botaniekers is er geen verschil.
  • Tilia kiusiana,
  • Tilia miqueliana,
  • Tilia henryana ‘Arnold select’,

Uiteraard zijn er nog andere lindensoorten die interessante drachtbomen zijn, maar die zijn naar mijn mening meer geschikt voor onze parken waar ze de ruimte hebben om zich volop te ontwikkelen.

De meeste van deze bomen zijn verkrijgbaar bij de meer gespecialiseerde boomkwekers, adressen te verkrijgen op de redactie.

Foto's: De Belgische Dendrologie, internet, en eigen foto's.

Bronnen:

- Belgische Dendrologie, Jaarboek 2005.

- The Hillier Manual of Trees and Shrubs.

59 359 4