Bron: Maandblad van de Vlaamse Imkersbond
Jaargang: 91
Jaar: 2005
Maand: november
Auteurs: Chris Simoens

Golz-kast: rugsparend imkeren 

De horizontale kast kenden we al een beetje. Maar de Golz-kast nog helemaal niet. We vonden ze terug in Paal en Tessenderlo. Is dit de ideale kast voor wie rugsparend wil imkeren? Gemeten aan het enthousiasme van René en Piet, zou je denken van wel.

René Vandeweyer woont in Paal, een gemeente met nog heel wat bosjes en groene kanten.

Enthousiast troont hij ons mee naar verschillende verdoken, groe­ne plekjes waar zijn bijen welig tieren. Je krijgt zowaar het gevoel dat er nog brousse is in Paal.

We - Free Devleeschauwer en ikzelf - zijn speciaal van Gent gekomen om de Golz-kast te leren kennen. Want de stapelkast wordt dan wel in België meest gebruikt, het gemakkelijkste type is het niet. Tillen en sjouwen met zware rom­pen, het wordt de rug niet gemak­kelijk gemaakt. De horizontale kast vermijdt het lastige heffen, en dat zou ook bij de Golz-kast het geval zijn.

Horizontaal in het vierkant

Bij René ontdekken we dat de Golz-kast een bijzondere soort horizontale kast is. Niet langwerpig uitgebouwd zoals gewoonlijk, maar eerder in het vierkant. Dit vierkant (met een zijde van ca 60 cm) is met een koninginnenrooster netjes in twee compartimenten ingedeeld.

In het voorste compar­timent, aan het vlieggat, verblijft de koningin met haar broed. Het achterste compartiment is de honingzolder. De ramen hebben de maten van het Duitse normaalraam (333 mm x 250 mm), maar ze worden wel verticaal gebruikt.

foto1
In het voorste compartiment huizen de koningin en het broed, achteraan zitten de honingramen.

Onder de ramen blijft een ruimte vrij van 3 cm. De kast heeft dus een diepte van ca 36 cm. De oorspronkelijke Golz-kast heeft zeventien ramen per compartiment. 'Ik heb er zestien', vertelt René, 'ik maak mijn kasten immers uit styrisol platen van 125 cm op 60 cm. Een zijde van 60 cm komt mij beter uit.'

De ramen worden niet vastgehaakt, maar liggen los op een soort rail. Metalen repen van 35 mm, die rond de bovenste raamlat geklemd worden, houden de ramen op de juiste afstand. De echte Golz-kast heeft aan de voorkant een kleine noodvoederruimte en heeft een gemeenschappelijk dak voor drie naast elkaar geplaatste kasten. Maar je kunt ze natuurlijk ook individueel opstellen zoals René.

Honderd keer gemakkelijker

Lang geleden scheurde René tijdens het werk een pees in de bovenarm. Kort daarop hoorde hij over de Golz-kast. Onmiddellijk was hij voor die kast gewonnen. Hij kan al lang weer normaal tillen, maar de Golz-kast blijft. 'Wie eens aan de Golz-kast gewoon is, wil nooit meer terug naar een stapelkast', beklemtoont hij. 'De Golz-kast is niet beter dan een andere kast, maar ze is wel honderd keer gemakkelijker'.

Eenzelfde geluid horen we achteraf bij Piet Vanmarsenille uit Tessenderlo. Hij heeft van René Golz-kasten leren gebruiken.

Maar wat is er zo gemakkelijk aan de Golz-kast? Je hoeft enkel nog raampjes te heffen, hoogsels worden zelfs niet gebruikt. Er valt voldoende honing te oogsten in het honingcompartiment. Belangrijk is dat de bovenste boord van de Golz-kast op de hoogte van je broekriem komt. Dan heb je staand een heel goed overzicht over de hele kast, en kan je gemakkelijk de ramen er één voor één uithalen.

 

De ramen staan in koudebouw. 'Wat heel interessant is', merkt René nog op, is dat alle ramen even ver van het vlieggat verwijderd zijn. Daardoor rijpt de honing sneller.' Met twee personen en een draagriem zijn de individuele kasten goed te verplaatsen. Je kunt er dus gerust mee reizen en veel honing oogsten.

René overwintert normaal op dertien ramen. Met vulblokken maakt hij het compartiment kleiner. In het voorjaar moet je wel goed opletten. De werksters kunnen ook in het honing­compartiment doppen trekken.

 

Kopen of maken

foto2
Golz-kast in hout.

René en Piet zijn al verschillende keren bij meneer Golz in Hambergen (Duitsland) op bezoek geweest. Als ontwerper van de kast houdt hij zich nochtans niet bezig met aanmaak en verkoop. Daarvoor kun je bij een verdeler in Duitsland terecht. Piet werkt met twee echte Golz-kasten in hout. Hij heeft ook nagemaakte Golz-kasten in een soort beton. Het isoleert niet bijster goed, maar het is duurzaam. Het deksel met scharnieren kan gemakkelijk opengelegd worden.

Maar René wil als oud-mecanicien van de buurtspoorwegen alles, en dan ook alles, zelf maken. Voor zijn Golz-kasten gebruikt hij styrisol. Dit is een soort isolatie­materiaal dat normaal onder een chape gelegd wordt. 'Je moet wel de harde soort kiezen', waarschuwt hij. 'De prijs komt op 4,10 euro per m2. Dat is helemaal niets. En vergeet niet de buitenkant te beschilderen als bescherming tegen de zon.

Aan de binnenkant moet je een nylongaas kleven met houtlijm. Je neemt best het nylongaas dat ze voor vloerbekle­ding gebruiken'. De kasten zijn vederlicht, en ze isoleren goed tijdens de winter. Wie niet zo van kunststof houdt, kan natuurlijk ook voor hout kiezen.

René kweekt ook al zijn koningin­nen zelf, in vanzelfsprekend een zelfgemaakt systeem. 'Een imker móet experimenteren', vindt hij. Ook bij de varroabestrijding. Varens, Oost-Indische kers, notenbolsters ... alles heeft hij geprobeerd. Vooral over het extract van notenbolsters is hij zeer tevreden, al gebruikt hij het samen met oxaalzuur.

Een aanrader

Maar laten we terugkeren naar de Golz-kast. In Duitsland wordt dit type kast vrij veel gebruikt, zeker in de streek van Wolfgang Golz. Men spreekt er van de 'oudeman­nenkast', precies omdat je geen rompen moet heffen. De gebruikers zijn opvallend enthou­siast. Het lijkt ons dus meer dan de moeite hier meer bekendheid aan te geven. Als steeds minder mensen zich aan het imkeren wijden, moeten de gemakkelijker systemen meer aandacht krijgen! Met de Golz-kast en andere horizontale kasten wordt het imkeren zowel meer imkervriende­lijk als meer bijenvriendelijk. Ook rolstoelgebruikers zouden goed met de Golz-kast overweg kunnen, ook al is ze iets dieper dan bijvoorbeeld een horizontale kast op simplexmaat. In elk geval: voor wie last heeft van zijn rug, is de Golz-kast een aanrader. Maar ook voor de belangstellende, die zich niet aan het imkeren waagt uit schrik voor het zware heffen.

Meer info bij de ontwerper: Wolfgang Golz, Waldimkerei, Hornacker 15, 27729 Hambergen, Duitsland, tel. +49-4793­2474; of op het Informatiecentrum voor de Bijenteelt waar ook de bouwschema's kunnen aangevraagd worden.