Logo konvib-312

Slide background
Slide background
Slide background
Slide background
Slide background
Slide background
Slide background
Slide background
Slide background
Slide background
Slide background
Slide background
Slide background
Slide background
Slide background
Slide background
Slide background
Slide background
Slide background
Slide background
Slide background

Bron: Maandblad van de Vlaamse Imkersbond
Jaargang: 101
Jaar: 2015
Maand: Maart
Auteurs: Norbert Nijs

Arrestkooi veel praktischer dan arrestraam

Om lokramen aan te maken ter bestrijding van de varroamijt of om vlotter aan geschikte larfjes te geraken voor de moerteelt, kan je de moer tijdelijk op arrest zetten op een raam dat langs één of langs beide zijden afgeschermd wordt met een moerrooster. Het is wel zo dat het plaatsen van de raamroosters vrij omslachtig is, idem het opsluiten en bevrijden van de moer. Daarom werk je veel gemakkelijker met een arrestkooi, zij het wel op voorwaarde dat er gewone ramen in passen en dat de kooi met niet teveel moeite kan opgesteld en afgebroken worden. Een kooi biedt ook meer mogelijkheden.

Wie de gewoonte heeft om de moer in het kader van de zwermbeheersing of van de broedbeperking op te sluiten in een broedbak tussen twee horizontale moerroosters, kan gemakkelijk de stap naar een arrestkooi zetten. Het volstaat dan om in deze broedbak, aan de zijkant, een ruimte af te zonderen met behulp van een tussenschot waar een moerrooster ingebouwd wordt. Het tussenschot vormt dan samen met de kastwanden de rechtopstaande wanden van de kooi terwijl de horizontale moerroosters, boven en onder de arrestbak, voor bodem en plafond zorgen.

 Dubbelwandig tussenschot met beperkte moerrooster

Een tussenschot op de dikte van een moerrooster zou ideaal zijn, maar dat gaat alleen als de rooster vast kan ingebouwd worden en dat is geen optie. De enige oplossing is bijgevolg een op de breedte van een uitgebouwd raam gemaakt tussenschot dat gewoon een raampositie inneemt en de bijengangen tussen de ramen respecteert. Zulk tussenschot kan gebouwd worden uit een standaard raamkader dat je langs beide zijden afsluit met een triplexpaneel en waarin je een moerrooster zet.

7 1

Langs de ene zijde van het raamkader komt het triplexpaneel in zijwaartse richting tot tegen de wanden van de kast, met een speling van 1 mm langs beide kanten, en in verticale richting tot gelijk met de bovenrand van de broedbak en tot 2 mm van de onderliggende rooster. Je moet altijd enige mm speling voorzien omdat kasten onderling wat kunnen verschillen en het tussenschot wat kan uitzetten onder invloed van de in een bevolkte kast altijd aanwezige vochtige lucht. Indien te nauwkeurig gemaakt, riskeer je dat het gekneld zit in de kast.

Met een figuurzaag zaag je uit dat triplexpaneel een rechthoekige doorgang waarin een moerrooster komt met de draden horizontaal (fig. 1). Je dient slechts een gedeelte van het raamoppervlak met moerrooster uit te rusten. Een rooster van bijvoorbeeld 7 x 20 cm is al voldoende. Je mag hem echter gerust groter maken, maar blijf weg van de rand van het paneel om de stevigheid niet in het gedrang te brengen. Omheen deze doorgang, tegen de binnenzijde van het paneel, plaats je een houten kader.

De horizontale latten van dit kader kun je uit gewone raamlat maken. Ze komen tot tegen de roosteropening. Verticaal gebruik je bredere latten die je ongeveer 1,5 cm over de uitgezaagde roosteropening laat komen (fig. 2 en 3). Dit om de rooster met haakvijzen te kunnen vastzetten, bijvoorbeeld 25 mm haakvijzen, die je ongeveer 3 mm laat uitspringen.

De haakvijzen komen in voorgeboorde gaatjes. De rooster kan dan gemakkelijk verwijderd worden. Dit kan bijvoorbeeld nodig zijn om de doorgang naar de kooi te reinigen wanneer de bijen er raat gebouwd hebben. Met 2 haakvijzen zit hij vast. Om hem te plaatsen en te verwijderen, zet je de haken evenwijdig met de draden. Om hem te vergrendelen, draai je ze 90 graden.

Langs de andere zijde worden de bijengangen omheen het raam niet afgesloten, enkel het raamkader wordt met triplex bekleed (fig. 4). De doorgang naar de rooster blijft vanzelfsprekend open.

Het tussenschot wordt altijd zo geplaatst dat de moerrooster zich langs de kant bevindt waar de moer op arrest zit. De bijen hebben dan wel de mogelijkheid om in de doorgang cellen te bouwen, maar de moer kan ze niet beleggen. Om het tussenschot loodrecht te hangen, kan je een op maat gezaagd triplex paneeltje gebruiken dat juist past tussen de kastwand en het tussenschot.

Oortjes afsluiten met een U-vorm

Om te beletten dat de koningin langsheen de oortjes uit de arrestkooi kan ontsnappen, plaats je omheen elk oortje een U-vormig metalen hulpstukje dat je uit een aluminium lat kan maken met een doorsnede van 2 x 20 mm (zie fig. 2 hulpstukjes links). Deze latten zijn verkrijgbaar in de doe-het-zelf handel. De benen van de U-vorm moeten 25 mm uit elkaar staan en een lengte hebben die gelijk is aan de afstand tussen de kastwand en de bledde, minus 1 mm.

Om het hulpstukje te maken, steek je de lat in een bankvijs en laat je ze een beenlengte minus 2 mm uitsteken. Dit gedeelte klop je met een hamer voorzichtig op een rechte hoek (het hoeft geen strakke hoek te zijn). Om de tweede hoek aan te maken, klem je het latje in de bankvijs met behulp van een houten lat (fig. 5 nr. 3). Werk nauwkeurig. Trek steeds een potloodstreepje op de plaats waar de lat dient geplooid te worden. Je kan het geplooide gedeelte niet terug recht kloppen om te corrigeren want dan breekt de lat stuk. Het verdient aanbeveling om ter afwerking de scherpe kanten en hoeken wat af te ronden met een ijzervijl.

Je kan de U-vormen eventueel ook maken uit een bledde die je, met behulp van een bankvijs en een hamer, overlangs plooit op de lijn van de diepste insnijding zodat er een toegevouwen metalen latje ontstaat met een breedte van 20 mm. De 0.8 mm dunne bledde plooit veel gemakkelijker dan een 2 mm alu lat.

Ingekaderde moerrooster

7 2

Moerroosters worden normaal ingekaderd in een 1 cm dikke houten lijst, gemaakt op het formaat van het grondvlak van een broedbak. De kastwanden waartegen de bledden bevestigd worden, bestaan echter uit een buiten- en een binnenwand. Alleen de buitenwand steunt op de houten lijst rond de rooster. De binnenwand doet dit niet zodat er een gleuf onder zit, die eveneens moet gedicht worden (fig. 6).

Indien deze gleuf maximum 22 mm diep is, kan je ze afsluiten met U-vormen gemaakt uit de al vermelde 2 x 20 mm alu lat. Je vervaardigt ze met benen van 8 mm die 34 mm uit elkaar staan. Ze worden binnenin de kooi juist naast het triplexpaneel in de gleuf geschoven. De U-vorm mag gerust wat van onder de kastwand uitsteken. De benen kunnen nooit de ramen hinderen aangezien ze lager zitten dan de ramen en daarenboven in het verlengde liggen van een bijengang en niet van een raam.

Om een diepere gleuf af te sluiten, kan je uit een houten lat met bijvoorbeeld een doorsnede van 9 x 15 mm, korte latjes zagen op een lengte van 5 cm. Dwars doorheen elk latje boor je een 4,5 mm gaatje langs de smalle kant van de lat. Daarin komt een houtschroef van 4,5 x 50 mm. Om secuur en veilig te kunnen boren, wordt het latje in een bankvijs geklemd. 7 3

Op de plaats waar het tussenschot zal komen, duw je langs beide kanten zulk latje in de gleuf. Je duwt de schroefkop tot tegen de houten roosterlijst en je zorgt ervoor dat de achterkant van het latje gelijk komt met de binnenkant van de kastwand. Je regelt dit door de houtschroef verder of minder ver in het latje te draaien. Het is de bedoeling dat de houtschroef tegen het triplex paneel van het tussenschot ligt, binnenin de kooi.

Op het formaat van drie ramen

7 4De kooi wordt bij voorkeur op een breedte van drie ramen gemaakt. Dat werkt comfortabel. Je kan de ruimte in de kooi trouwens altijd verkleinen door bijvoorbeeld een vulblok als kantraam te plaatsen. Je doet er goed aan om steeds een raam met open broed in de kooi te hangen, bij voorkeur het raam waarop je de moer aantrof. Ze zit op die wijze ook direct in de kooi. Omdat er dan open broed aanwezig is, zal ze minder ontredderd zijn en gemakkelijker doorgaan met de eileg.

Om de kooi vlot te kunnen plaatsen, is het raadzaam om, zoals dat gebeurt in het kader van de broedbeperking, in de arrestkamer slechts acht ramen te plaatsen en de overige raamposities op te vullen met vulblokken. Een drieraams vulblok is hiervoor ideaal. Je kan vanzelfsprekend ook tijdelijk ramen overbrengen naar de honingzolder.

Toepassingen

  1. Je kan met behulp van de kooi makkelijker aan geschikte larfjes geraken voor de moerteelt. Je maakt een kooi op de breedte van drie ramen (fig. 7), laat het kantraam ter plaatse (4) en hang er een raam met open broed naast (3). Tussen het open broedraam en het tussenschot (1) plaats je een leeg maar opgebouwd raam (2). Vijf dagen later zoek je op dit raam de larfjes die je nodig hebt. Indien het op dat ogenblik nog niet of nog maar net belegd werd, kan je ofwel nog een paar dagen wachten ofwel naar jonge larfjes zoeken op het andere raam.
  2. Je kan de kooi ook gebruiken in het kader van de moerwissel. Alvorens de oude moer te verwijderen, sluit je ze er acht dagen in op. Je geeft haar een al gedeeltelijk belegd raam of een leeg maar opgebouwd raam. De redcellen zijn dan gemakkelijk op te sporen en weg te breken, waarna de nieuwe moer veilig kan ingebracht worden met een namaakdop.
  3. De kooi is tevens een bijzonder geschikt hulpmiddel om lokramen aan te maken ter bestrijding van de varroamijt. Via drie elkaar opvolgende lokramen, respectievelijk opgestart op dag 1, 9 en 17 kan je grote kuis onder de mijten houden. Elk raam blijft 16 dagen in de kooi. Met drie opeenvolgende lokramen overbrug je een volledige voortplantingscyclus van de mijten en verwijder je praktisch alle vruchtbare mijten uit dat      deelvolk. Daarover meer uitleg in een volgend artikel.