Logo konvib-312

Slide background
Slide background
Slide background
Slide background
Slide background
Slide background
Slide background
Slide background
Slide background
Slide background
Slide background
Slide background
Slide background
Slide background
Slide background
Slide background
Slide background
Slide background
Slide background
Slide background
Slide background

Bron: Maandblad van de Vlaamse Imkersbond
Jaargang: 98
Jaar: 2012
Maand: Mei
Auteurs: Frans Somers

Koninklijke kleurenpracht helpt de imker bij zijn zoektocht

12 1Imkers hebben dikwijls moeilijkheden met het vinden van de moer in een sterk ontwikkeld volk. Tijdens de maanden mei en juni stelt zich dit probleem wel eens. Voor de opdracht - het merken van hun jonge moeren - schrikken ze vaak terug.

Minder degelijk 'merkwerk' met lijm en opalithstempel, leidt tot het verlies van de stempel en dus opnieuw zoekwerk naar de moer. In volgend artikel geschreven door dr. Poisson d'Avril, Picasso of Queens Institut, vindt u een oplossing.

Het werd voor u gelezen en vrij vertaald, door Frans Somers.

Onzichtbare koningin

Welke imker kent het probleem van de 'onzichtbare' koningin niet? Je zoekt haar op alle ramen, maar hare majesteit laat haar aan geen kanten zien. Teleurgesteld sluit je de kast. Indien de koningin gemerkt was, zou je haar gemakkelijker kunnen opsporen, dat is duidelijk.
In de handel zijn er verschillende tekenstiften en opalith-plaatjes, zelfs met lichtgevende en opvallende kleuren of cijfers.

Het probleem voor heel wat imkers is evenwel: hoe komt het teken op de koningin? Om de koningin te kunnen merken, moet je haar immers eerst vinden, en het is blijkbaar niet altijd vanzelfsprekend om haar met het blote oog te vinden, te vangen en dan een teken op haar rug aan te brengen.


Geniale vondst

Verschillende telers en instituten zoeken reeds jaren naar een degelijke oplossing, en na een lange proefperiode hebben ze een geniale en tegelijk eenvoudige werkwijze voorgesteld. Bij het omlarven, wordt de edele jonkvrouwlarve neergelegd in een kunstdopje waarin vooraf koninginnenbrij is aangebracht.

Het bijzondere is nu, dat aan de koninginnenbrij speciale kleurpigmenten toegevoegd worden.
De larve neemt samen met haar eerste hap het kleurpigment op en slaat het op in haar lichaam. Bij het daaropvolgende verpoppen, reageert het kleurpigment op de lichaamscellen van het chitinepantser en van de vliesvleugeltjes. Als de jonge koningin nu uit haar moercel kruipt, is ze door en door ingekleurd.12 2
Alleen de facetogen en de voelsprieten zijn niet gekleurd: deze nemen het speciale kleurpigment niet op.
Een koningin die zo gemerkt werd, is al vanaf verschillende meters afstand zeer goed te onderscheiden op de bijenraat. Proeven hebben uitgewezen dat dit pigment niet verbleekt of uitgroeit na drie of vier jaar. De overeengekomen jaarkleuren waarmee de moer gemerkt wordt, functioneren allemaal, behalve blauw.

Maar de onderzoekers hebben nog wel even tijd vooraleer blauw de jaarkleur wordt. Het enige nadeel van deze behandeling is, dat carnica- en buckfastmoeren er hetzelfde uitzien.
Enkele kweekstations in Landesverband (LVWI), spelen opnieuw een voortrekkersrol en bieden deze geniale merkwerkwijze vanaf dit seizoen bij de kwekers als een dienstverlening aan.


De imkers brengen zoals gewoonlijk hun teelramen voor de omlarving binnen, en ze gaan met gemerkte moerlarven terug naar huis.
Eenvoudiger kan het niet.

* Royale Farbenpracht hilft dem Imker bei der Suche, dr. Poisson d'Avril, (Picasso of Queens Institut) – Bienenpflege,
04 2011 blz. 172.

12 3