Logo konvib-312

Slide background
Slide background
Slide background
Slide background
Slide background
Slide background
Slide background
Slide background
Slide background
Slide background
Slide background
Slide background
Slide background
Slide background
Slide background
Slide background
Slide background
Slide background
Slide background
Slide background
Slide background

Bron: Maandblad van de Vlaamse Imkersbond
Jaargang: 102
Jaar: 2016
Maand: Juli-Aug
Auteur : Guido Sweertvaegher

Mijn darrenraammethode

Imkerassistentie

Wanneer we ons aan koninginnenkweek wagen, beseffen we wellicht onvoldoende dat deze specialisatie een exacte planning en een doorgedreven inzet van de imker vergt. Het omgaan met bijen is al een boeiend verhaal, koninginnenkweek geeft aan de imker een extra boost in het bijenhouden.

31 1

Aan de hand van de ontwikkeling van een volk beoordelen we de kwaliteit van de koningin en de gedragingen van haar nakomelingen op eigenschappen als: zachtaardigheid, raamvastheid, haaldrift, poetsgedrag, Heel wat factoren beïnvloeden de slaagkans van een goede koninginnenteelt.

De imker speelt hier een zeer bijzondere rol in, blijft het succes uit, volg dan het voorbeeld van de bijen naarstig voortdoen en niet opgeven. Een beginnend imker heeft nood aan raad en daad van een ervaren collega-imker. Bij koninginnenkweek is de noodzaak aan ondersteuning en hulp nog meer van toepassing. Wanneer we tijdens de bijenwerkzaamheden onvoldoende inzicht hebben hoe we het probleem moeten aanpakken kan een telefoongesprek met een collega-imker wellicht een accurate oplossing bieden.

Darrenvolken klaarmaken

Willen we jonge koninginnen op eigen stand laten bevruchten, dan moeten we ook rekening houden met het plannen voor het opkweken van darrenvolken. Dit houdt in dat de koningin van een darrenselectievolk de leg moet aanvatten op een darrenraam minimum veertig dagen vóór de vermoedelijke bruidsvlucht van de toekomstige koninginnen. Dit betekent ook dat het volk klaar moet zijn om darrenraat op te trekken.

 Als darrenraam gebruik ik een simplexraam met daarin een dwarslat gemonteerd. De dwarslat is bevestigd op 140 mm (overmeten) ten opzichte van de bovenlat. Het bovenste gedeelte (gelijk aan een half simplexraam) wordt voorzien van bedrading en een waswafel voor het uitbouwen van de werksterraat. Voorzie ik geen waswafel dan zijn de bijen toch geneigd om werksterraat aan te trekken.

De ruimte onder de dwarslat dient als vrije bouwruimte voor de darrenraat. Deze combinatie werkster en darrenraam plaats ik in het midden van het broednest om een vlugge raatuitbouw te bekomen. Immers onderaan het half simplexraam wordt in een mum van tijd darrenraat uitgebouwd. Een tweede soort darrenraam SG hang ik aan de zijkant van het broednest en wordt een aantal dagen later opgetrokken.

Toepassen van het darrenraam in functie van de koninginnenkweek

Omlarven op 1 mei houdt in dat de toekomstige koninginnen op 12 mei zullen geboren worden. Indien het weer het toelaat zijn vanaf 18-20 mei deze koninginnen klaar om op bruidsvlucht te gaan. De darrenraat moet dan minstens 45 dagen vóór 18 mei in het volk geplaatst worden: een darrencyclus van 24 dagen + 3 dagen voor het aanmaken van een aantal darrengeneraties + nog 18 dagen eer ze geslachtsrijp zijn. Afhankelijk van het ontluiken van het voorjaar en de weersituatie plaats ik begin april en zeker vóór 5 april een darrenraam.

Om de varroadruk onder controle te houden plaats ik (bij een vroege voorjaarsontwikkeling) begin maart bij de eerste voorjaarscontrole reeds een eerste darrenraat (combinatieraam werkster en darren) en vernietig ik het darrenbroed wanneer dit verzegeld is. Daarna ga ik eind maart, begin april over tot het kweken van darrenpopulaties.

Daarvoor gebruik ik 3 productievolken met telkens 1 week verschil in de uitbouw van een darrenraam. Darrenvolk 1 krijgt bij de start van het kweekprogramma twee darrenramen. In het darrenvolk 2 en 3 worden de darrenramen telkens een week later ingehangen. Door het inhangen van twee darrenramen per volk, een half simplexraam (met onderaan een vrije bouwruimte) in het broednest en het darrenraam SG naast het broednest, spreid ik de opkweek van de darren.

Darren uit niet geselecteerde volken verhinder ik door het volk in de tweede romp op te sluiten tussen twee koninginnenroosters om dan telkens het gesloten darrenbroed te vernietigen (zie foto’s darrenraat). Bij gebruik van mijn multibodem (zie maandblad van februari 2016) kan ik de vlieggatopening op koninginrooster plaatsen en de darrenuitlaat versperren. Aan de kast van elk bijenvolk hangt een kastkaart waarop ik iedere bewerking in codestijl noteer.

Constructie darrenraam SG

Oorspronkelijk gebruikte ik als darrenraam een simplexraam met een horizontaal geplaatste tussenlat (zoals hierboven besproken). Het idee om een nieuw darrenraam te maken ontleen ik aan de vorm van de toplatten van een top bar hive. Dit darrenraam heeft een bovenlat met een specifieke modulering en laat een mooie uitbouw van een darrenraat toe.

31 231 331 4

De driehoekige- , ronde-, of trapeziumvorm met eventueel nog een zaagsnede in langsrichting zorgt voor een mooie wasaanzet in het midden van het raam. Het darrenraam is verticaal in twee delen opgesplitst en zorgt voor een spreiding in het optrekken van darrenraat. Met een horizontale indeling daarentegen wordt in het bovenste gedeelte meestal werksterbroed of honingvoorraad aangelegd.

Met het toepassen van een darrenraam SG in combinatie met een horizontaal ingedeeld simplexraam hou ik de varroadruk bij de productievolken onder controle. De gesloten darrenbroedramen vernietig ik volgens de 1-2-3 methode door telkenmale een derde van het gesloten darrenbroed weg te nemen met een tijdsverschil van 3 x 7 dagen (eenmaal van het half-simplex-darrenraam en tweemaal de helft van het darrenraam SG).

Tips en tricks

Mijn koninginnenteeltramen zijn zo geconstrueerd dat ik deze in functie van een darrenkweek kan ombouwen tot een darrenraam. Zo ga ik de twee latten met dophouders vervangen door twee darrenlatten, voorzien van een zaagsnede in langsrichting en een ingesmolten wasstrip met maximum 1cm hoogte (of eventueel een toplat met een ronde modulering). Op de foto is duidelijk te zien dat bij horizontale indeling van het raam de bijen in de bovenste vrije bouwruimte werksterraat uitbouwen (in het raam ontbreekt de bovenste darrenraat-aanbouw-toplat).

Wil ik in het vroege voorjaar reeds darrencellen laten optrekken, dan plaats ik in het bovenste gedeelte van het werkster&darrenraam een gewafelde darrenraat.

Tijdens de koninginnenteelt ga ik het teeltraam zo indelen, bovenaan een teeltlat met 12 koninginnendoppen en onderaan een teeltlat voor de darrenuitbouw. Dit systeem zorgt voor een vlotte uitbouw van de koninginnendoppen zonder dat de doppen ingesloten worden door wasaanbouw, de wasaanzet voor darrenraat gebeurt dan aan de onderste lat en werkt tevens als aanzuigeffect voor de varroa.

De darren kan ik ook een tijdje op arrest zetten door de vliegopening van mijn multibodem op koninginnenrooster te plaatsen en de darrenuitlaat te vergrendelen. Op het ogenblik dat de koninginnen ter bevruchting aan geboden worden wijzig ik het vlieggat naar de gewone vliegopening.

Darrenpopulatie kan ik ook kweken door de middelste broedbak op arrest te zetten tussen twee koninginnenroosters. Bovenaan in het onderste koninginnenrooster is in het kader een afsluitbare vliegopening gemaakt (met een minimum opening van 8 mm), op deze manier kan ik op de bevruchtingsstand de darren gecontroleerd laten uitvliegen.

Meer over deze specialisatie komt aan bod in een volgend thema koninginnenteelt.