Logo konvib-312

Slide background
Slide background
Slide background
Slide background
Slide background
Slide background
Slide background
Slide background
Slide background
Slide background
Slide background
Slide background
Slide background
Slide background
Slide background
Slide background
Slide background
Slide background
Slide background
Slide background
Slide background

Bron: Maandblad van de Vlaamse Imkerbond
Jaargang: 89
Jaar: 2003
Maand: oktober
Auteurs: Philippe Auguste Roberti

Profylaxis deel 2

In deel 1 zette de auteur uiteen waarom het beter is om d.m.v. hygiënische maatregelen ziekten te voorkomen dan zijn toevlucht te nemen tot medicatie als er gezondheidsproblemen opdagen. In dit nummer somt hij nog een aantal maatregelen op die de imker kan toepassen om zijn bijen in goede conditie te houden. — Frans Daems

Biologisch optimum

Bedoeld worden de ingrepen vanwege de imker om de bijen te helpen zich tegen schadeverwekkers te verdedigen:

• de varroa-ontwikkeling minimaal houden;

• wasraten om de twee à drie jaar vervangen; waswafels enkel  inhangen als de bijen kunnen bouwen;

• geschikt voedsel in kwaliteit en kwantiteit ter beschikking stellen (bij drachtgebrek, extra¬fijne droge suiker toedienen in de kast);

• de volken in weelde laten leven;

• de koninginnen van twee jaar oud vervangen door jonge, levenskrachtige koninginnen;

• aanprikkelend voeden direct na de zomerdracht begunstigt de leg van de koningin en zorgt voor veel winterbijen. Een gepaste varroabestrijding houdt ze maximaal gezond. Tegelijkertijd verkort het omzetten van suikervoeding in enkelvoudige suikers het leven van de oude bijen die vaak een bron van infectie zijn. Tijdens de lente is de verhouding aantal bijen/broedoppervlak vaak niet gunstig, waardoor ziekteverwekkers zich kunnen ontwikkelen. Stimuleren met suiker als de wilgen bloeien, zet de oude bijen aan tot uitvliegen. Dit verhoogt hun sterfte, op een ogenblik dat we zorgbijen nodig hebben om het broed warm te houden.

• surrogaatpollen geven in voederbakjes, op korte afstand van de bijenhal, als de bijen na hun reinigingsvlucht natuurlijke pollen ontberen;

• jonge volken en kunstzwermen op waswafels zetten met een jonge koningin, behandelen tegen varroa;

•  selecteren (ziekteresistente bijen, pintest of test van bevroren broed);

• kasten verluchten, halle op het zuiden richten;

• overbevolking in een zelfde buurt vermijden;

• als het licht in de kasten binnendringt (glas), vindt de reinigingsvlucht vroeger plaats, beschaduwen is dan noodzakelijk.

Controles

Drie gezondheidscontroles per jaar zijn nodig:

• bij het begin van de lente;

• aan het einde van de voorjaarsdracht, vóór het begin van de zomerdracht (zwerm laat twee derde van de mijten in het stamvolk) of vooral¬eer we met de bijen op reis gaan;

• vóór het inwinteren.

Elk volk controleren op de ontwikkeling van de varroamijten het hele bijenjaar door. Opvolgen en noteren van de natuurlijke mijtensterfte. Vóór elke verplaatsing het broed nauwkeurig controleren (ziekten en vijanden). Geen cellen die gesloten blijven als ze al open moesten zijn, kleur van de larven, uitzicht van de bijen, geuren, gedragingen. Bij drachtgebrek kan een voederraam met extrafijne droge suiker vooral jonge volkjes verder helpen.

f1

Reizen

• de kasten in dezelfde orde plaatsen als in de oorspronkelijke halle (in elk geval omwisseling vermijden), de kasten zo ver mogelijk uit elkaar plaatsen;

• zorgen voor een maximaal aantal jonge bijen;

• regio's vermijden waar ziekten heersen;

• voldoende verluchten tijdens het reizen;

• lege ramen inhangen die de tros ruimte geven als er zich tijdens het transport schokken voor-doen;

• nooit voederen net vóór het vervoer;

• de kasten niet te dicht bij de grond plaatsen: vocht, koude, wind, ...

Inwinteren

• behandelen tegen varroa;

• in augustus sterke volken met jonge bijen opkweken (stimuleren);

• tijdig en overvloedig de wintervoeding toedienen, oude bijen uitschakelen (1 augustus);

• controleren als de cellen gesloten blijven;

• beschermen tegen de koude (ramen en ruimte aanpassen aan de grootte van het broednest);

• beperken vlieggathoogte tot 7 cm (muizen);

• wind (windvlagen);

• geen spleten of gleuven in de kasten;

• vochtige omgeving vermijden;

• geschikte kasten, (warmte, vochtigheid);

• zuivere en goede voeding;

• in- en uitvliegen van de bijen controleren;

• vijanden: mot en wespen.

Ontsmetten

N.v.d.r.: het gebruik van natriumhydroxide, bleekwater, en andere ontsmettingsmiddelen belasten het milieu! Gebruiksaanwijzing en reglementering naleven.

Vlam:

• propolis en was wegkrabben.

• binnenwanden met vlam afbranden, krijgen dan de kleur van aangebakken brood (hoeken: moeilijk te bereiken);

Droge warmte:

• 130°C gedurende 30 minuten (in gestabiliseerde omsluiting).

Paraffinebad:

• microkristallijn was (smelttemperatuur 85°C) 160°C gedurende tien minuten. Tussen twee baden in de was en propolis afschrapen. Reinigen met natriumhydroxide (0,5-1 %), natriumcarbonaat (2%) of met 'Lessive St.-Marc' (2%).

Bleekwater:

• oplossing 2° chlorometrie + 0,5 % oppervlakte-actieve stoffen (vaatwaszeep).

• dertig minuten dompelen, daarna drogen.

• hergebruiken van het bad + 1/2 dosis voor nieuwe ramen.

Afkoken met een alkalisch oplosmiddel:

• 500 gr tot 1 kg natriumhydroxide toevoegen aan 100 l water (natriumhydroxide is zeer gevaarlijk, het is absoluut noodzakelijk om te werken met handschoenen en bril); suikerwater ter beschikking houden om eventuele brandwonden onmiddellijk te kunnen behandelen;

• natriumhydroxide eventueel vervangen door 2 kg natriumcarbonaat of 2 kg 'Lessive St.-Marc';

• de oplossing verwarmen;

• klein materiaal in een mand plaatsen en in het product onderdompelen, een rooster voorzien met een gewicht erop, zodat niets kan komen bovendrijven;

• plasticmaterialen ontsmetten bij een temperatuur van 60 tot 70°C (hogere temperaturen vervormen het materiaal!); na ongeveer 15 min, is alles proper, de voederbakken zijn als nieuw.

• vervolgens de vloeistof laten koken, dan de kasten en andere dan plasticmaterialen desinfecteren;

• de kasten vijftien minuten onderdompelen in de vloeistof (aangepaste bakken!), eventueel ook hier gewichten gebruiken;

• als ramen die in de stoomwassmelter geweest zijn op die wijze worden ontsmet, is het aangewezen de bovendrijvende was af te schuimen;

• de ontsmette materialen met veel water afspoelen (warm water is best, maar niet noodzakelijk) anders blijven er na het drogen natrium¬kristallen achter op het materiaal;

• het materiaal traag laten opdrogen om vervomingen te vermijden. Ramen opstapelen en samen gedrukt houden. Het gebruik van inoxdraad en -ringetjes is aangewezen aangezien die niet door het natriumhydroxide worden aangetast. Andere draad breekt na twee reinigingsbeurten. Ramen blijven op deze manier tientallen jaren goed.