Logo konvib-312

Slide background
Slide background
Slide background
Slide background
Slide background
Slide background
Slide background
Slide background
Slide background
Slide background
Slide background
Slide background
Slide background
Slide background
Slide background
Slide background
Slide background
Slide background
Slide background
Slide background
Slide background

Bron: Maandblad van de Vlaamse Imkersbond
Jaargang: 100
Jaar: 2014
Maand: Juni
Auteurs: Pia Aumeier

Licht in het duister brengen

Onderstaand artikel is verschenen in Die neue Bienenzucht 7/2012 onder de titel ‘Mit Windeln Licht ins Dunkel bringen’. Met dank aan de auteur en de redactie van DNB voor het verlenen van de toelating het artikel te 21 1publiceren.

Hoeveel mijten zijn er in een volk? Onmiddellijk behandelen of nog even wachten? Ook voor een ervaren imker gewetensvragen. Het meten van de natuurlijke mijtenval helpt de varroapopulatie in bijenvolken betrouwbaar in te schatten.

De gebruikelijke methode

Wij imkers tasten dikwijls in het duister over de varroabesmetting van onze volken. Regelmatig bijen en opzittende mijten doden en uitwassen wordt door vele imkers als niet-bijenvriendelijk aangevoeld of te arbeidsintensief gevonden. Uit schrik voor een te hoge besmetting of invasie van varroa, behandelt men te vroeg of te dikwijls, wat schadelijk is voor bijen en bankrekening. Wie omgekeerd eerst bij kreupele bijen en duidelijke broedschade reageert, kan reeds in de herfst verrast worden door de ‘onverklaarbare’ exit van zijn juist sterkste volken.

Het alternatief

Het varroaniveau, vanaf waar de volken schade beginnen te lijden, is afhankelijk van het tijdstip. Zomerbijen weerstaan probleemloos een besmettingsgraad van 50%, in de winter is 1 mijt per 10 bijen voldoende om het volk onherstelbare schade toe te brengen. Het meten van de natuurlijke mijtenval voorkomt onaangename verrassingen.

Wie op bepaalde tijdstippen van het bijenjaar de natuurlijke mijtenval meet, zowel na het slingeren midden/einde juli, of bij de geboorte van de winterbijen vanaf begin september, of bij broedloosheid in de winter, kan de besmettingsgraad en de noodzaak tot behandelen goed inschatten (figuur 1).

21 2

21 3

Zelfs sterk besmette volken, behandeld juist voor de geboorte van de winterbijen, ontwikkelen zich verder normaal. Wie daarenboven na het beëindigen van de behandeling (bij een mierenzuurbehandeling is pas na 12 dagen alle broed geboren, zodat alle dode mijten op de varroaschuif zijn gevallen) bij een paar volken het resultaat controleert, wordt nog door resistente mijten of onzekere weersomstandigheden overrompeld en kan zijn behandelingsmethode optimaliseren.

De behandeling heeft goed gewerkt indien het totaal aantal mijten in het volk, afgeleid uit de natuurlijke mijtenval voor de behandeling (figuur 2), min of meer overeenstemt met de gevallen mijten na de behandeling. Laat je niet verblinden door het aantal gevallen mijten, de mijten die in het volk achterblijven zijn belangrijk.

Eenvoudig en betrouwbaar mijten tellen

• Gebruik een open roosterbodem (maasbreedte 3 mm, inox om mierenzuur en muizen blijvend te weerstaan, figuur 3), waar een goed passende varroaschuif langs achter kan ingebracht worden (figuur 4). Wie door het21 6 vlieggat een vel papier binnenschuift, krijgt steken maar geen bruikbare cijfers. Invetten helpt ook niet.

• Een witte varroaschuif, waarop donkere mijten gemakkelijk te zien zijn, evenals een loep, vergemakkelijken het tellen. Wie de gehele oppervlakte van de schuif verdeeld in banen (figuur 9) telt ook vele mijten snel (figuur 10).

• Een varroaschuif uit plastic vervormt niet en klemt ook niet bij vochtig weer, in tegenstelling tot hardboard of gelijmde houten lijsten (figuur 7).

• Gebruik een varroaschuif met randen, zodat de mijten die door de wind in een hoek zijn geblazen bij het uittrekken van de schuif niet afvallen.

• Alles wat het vallen van mijten op de schuif belet verwijderen (figuur 5).

• De varroaschuif enkel voor drie dagen, gedurende het meten van de natuurlijke mijtenval (of gedurende een mierenzuurbehandeling) plaatsen. Niet korter, daar de mijtenval van dag tot dag verschilt, en de meting pas na drie dagen betrouwbaar is. Maar ook niet langer omdat dan de mieren en wasmotten in actie komen die ook mijten verslepen en opeten (figuur 6).

• Alle mijten tellen, zowel de donkere moedermijten (hier 25 stuk, figuur 8) als de lichte dochtermijten (hier 3 stuk, figuur 8), delen door drie, om de mijtenval per dag te berekenen. Daarna de varroaschuif met plamuurmes reinigen. Nog spartelende mijten lopen overigens niet terug van het gras in het volk.

21 421 5