Logo konvib-312

Slide background
Slide background
Slide background
Slide background
Slide background
Slide background
Slide background
Slide background
Slide background
Slide background
Slide background
Slide background
Slide background
Slide background
Slide background
Slide background
Slide background
Slide background
Slide background
Slide background
Slide background

Bron: Maandblad van de Vlaamse Imkersbond
Jaargang: 100
Jaar: 2014
Maand: Juli-Augustus
Auteurs: Hubert Gorssen

Biologische varroabestrijding

Toen ik een paar jaar geleden 35 van de 44 volken verloor, te wijten aan een te late chemische varroabestrijding, bleef ik niet bij de pakken zitten en ben ik tot de overtuiging gekomen dat varroabestrijding op een vrij eenvoudige manier mogelijk moet zijn met een strikt minimum aan, of zelfs zonder bestrijdingsmiddelen.

Volken splitsen

Wanneer de volken eind april, begin mei op volle sterkte komen, splits ik de volken met een dubbele bedoeling. Ten eerste, het voorkomen van zwermen en ten tweede de varroabestrijding. Wanneer ik mag aannemen dat 80 tot 90 % van de aanwezige mijten in het broed zitten en 10 tot 20% op de bijen verblijven, dan wordt het vrij eenvoudig om tijdens de honingdracht een zeer efficiënte varroabestrijding toe te passen, zonder verlies aan honingopbrengst en zonder gevaar voor honingbesmetting met enig chemisch middel.

Al het broed wordt van het volk afgenomen zodat het dan helemaal opnieuw moet opstarten. Deze handelswijze bootst in zekere zin de natuurlijke gang van zaken in het bijenleven na, werkt zeer hygiënisch en leunt dicht aan bij het korfimkeren.

Eerst nog even dit

Ik werk uitsluitend met Segerberger kunststofkasten. De varroabodems heb ik zelf ontworpen1. Deze bodems zijn volledig van gaas om een goede controle van de mijtenval mogelijk te maken. Op de varroabodem plaats ik een broedbak met elf ramen. Verder gebruik ik halve hoogsels, twee tot vijf naargelang de behoefte. Mijn koninginnen zijn gemerkt, maar niet geknipt. Het knippen van een vleugel zou, volgens mij en meerdere ervaren imkers, aanleiding kunnen geven tot het afstoten van de koningin.

Nieuwe broedbak met koningin

• Als voorbereiding wordt er een extra broedbak samengesteld. Aan de zijkanten plaats ik 2 x 2 gevulde ramen met voedsel (honing en stuifmeel). Opletten dat er in deze ramen geen open broed of eieren aanwezig zijn! Vervolgens vul ik de broedbak verder aan met 2 x 3 wasplaten en in het midden een mooi opgewerkt wasraam (klaar om te beleggen). Hieronder komt de varroabodem.

• De te behandelen kast wordt tijdelijk verplaatst (een paar meter verder). De voorbereide broedbak komt nu op de oude standplaats van het volk te staan.

• Vervolgens zoek ik de koningin en plaats ze kortstondig in een koninginnenkooitje. Dan klop ik een gedeelte van de bijen af en plaats deze, samen met de koningin, in de hierboven beschreven broedbak.

• De koningin kan enkel leggen op het uitgebouwde raam. Goed nazien of de voederramen goed gevuld zijn, zodat de koningin daar zeker niet kan leggen!

• Boven op deze bak leg ik een koninginnenrooster en daarboven plaats ik de honingzolders die voorheen ook in gebruik waren. In de honingzolders mag er zeker geen broed aanwezig is, dit om varroabesmetting te voorkomen.

• De mijten die zich op de bijen bevinden zijn verplicht om minimaal negen dagen te wachten voor ze zich weer kunnen gaan innestelen. Zodra zij die mogelijkheid krijgen, zullen zij die kans aangrijpen om het eerste te sluiten broed massaal in te nemen. Dit raam moet verwijderd worden vooraleer de eerste mijten het broed verlaten. Op die manier bekomt men een varroa-arm volk

De oude broedbak

• De vliegbijen van de verplaatste broedbak vliegen terug naar hun oorspronkelijke positie met als gevolg dat de oorspronkelijke kast enkel nog jonge bijen, open en gesloten broed bevat. Na enkele dagen beginnen de eerste vliegbijen van dit volk voedsel verzamelen. Om herbesmetting te voorkomen breng ik acht dagen later het oude volk naar een andere stand.

• In de oude broedbak kan men de bijen een koningin laten aantrekken. Het risico is echter groot dat deze toekomstige jonge koningin zwaar geïnfecteerd zal zijn, vermits de aanwezige mijten weinig instapmogelijkheden hebben, met als gevolg dat hier een minderwaardige koningin uit geboren wordt. Daarom kan er ook een veredelde rijpe dop worden ingevoerd. Op deze manier wint men bovendien ± 14 dagen tijdswinst, die men zeker niet mag verwaarlozen.

• De jonge koningin kan vrij snel na de paring gaan leggen, maar zal dit zeker niet doen vooraleer het bestaande broed uitgelopen is. De aanwezige mijten zullen massaal naar het eerste broed trekken. Ook hier kunnen wij het eerst belegde broedraam samen met de mijten wegnemen om zo de kolonie varroa-arm te maken.

1 De varroabodems hebben een afmeting van 50 op 50 cm en zijn volledig voorzien van bijengaas en een controlelade van witgelakt, watervast karton van 43 bij 47 cm. Deze lade wordt tijdens het reizen verwijderd om oververhitting te voorkomen.

34 1