Logo konvib-312

Slide background
Slide background
Slide background
Slide background
Slide background
Slide background
Slide background
Slide background
Slide background
Slide background
Slide background
Slide background
Slide background
Slide background
Slide background
Slide background
Slide background
Slide background
Slide background
Slide background
Slide background

Bron: Maandblad van de Vlaamse Imkersbond
Jaargang: 101
Jaar: 2015
Maand: Maart
Auteur : Wilfried Demeester

Kan de verdwijnziekte vermeden worden? Deel 1

Samen met mijn vriend, dierenarts Paul Vandevelde, overwinteren wij een veertigtal volken, waarvan ongeveer de helft kunstzwermen (afleggers) met jonge koninginnen. Half november kunnen wij al vaststellen dat geen enkele kolonie zal verloren gaan. Jaren van zoeken, proefnemingen, ervaring en informatie van wetenschappers uit Nederland, (Wageningen) en Duitsland hebben ons tot een aantal vaststellingen gebracht die onze bedrijfsmethode sturen.

Wetmatigheden

Bij ons staan een aantal wetmatigheden vast die onze praktijk bepalen. 10 1

  • We zijn ervan overtuigd dat de verdwijnziekte uitsluitend te wijten is aan de varroamijt.
  • De varroamijt beschadigt en verzwakt de bijen en de larven. Hierdoor hebben ze geen weerstand meer tegen virussen en bacteriën. Bij het foerageren, keren de verzwakte bijen niet meer terug naar de kast. De kolonie is ten dode opgeschreven.
  • We moeten vermijden dat een kolonie in juli zwaar besmet is met varroa. Zieke en zwakke bijen zijn immers niet in staat om gezonde winterbijen op te kweken. Bij een sterk besmet volk in juli, is de verdwijnziekte niet ver weg. De varroa zit dan 90% tot 95% in het gesloten broed.

Attent zijn

We moeten het hele jaar door attent zijn, de varroabesmetting op de voet volgen en bestrijden. Om in het voorjaar en de zomer de varroapopulatie te beperken wordt, indien nodig, in april voor het opzetten van de honingkamer en in mei bij de eerste slingerbeurt behandeld tegen de varroamijt. Nodig of niet, bepalen wij niet volgens de natuurlijke mijtenval, maar na een controlebehandeling van twee volken.

De natuurlijke mijtenval is bij ons geen betrouwbare parameter voor de varroa. Naar gelang de omstandigheden behandelen we met mierenzuur of oxaalzuurgas. Ook snijden we regelmatig darrenbroed (effect 25%) bij alle volken die vanaf april op broedbeperking staan.

Mierenzuur

De verdamping van mierenzuur en haar effectiviteit is afhankelijk van de temperatuur en de vochtigheidsgraad. Behandelen met mierenzuur gebeurt daarom bij een buitentemperatuur van 25°C à 28°C, bij een relatieve vochtigheidsgraad =<50% en nooit gelijktijdig met het toedienen van suikersiroop. Het voederen met suikersiroop doet immers het vochtgehalte in de kast toenemen. Bij een te hoog vochtgehalte werkt het mierenzuur onvoldoende. Om dezelfde reden behandelen we ook niet bij regen of onweerachtig weer.

In ideale omstandigheden toegepast, zullen de mierenzuurdampen, bij een hoge dampspanning, door de poreuze verzegeling van het gesloten broed doordringen, en zo minstens 40% van de varroa doden in gesloten broed. Wetenschappers spreken zelfs van 60%.

Na de zomeroogst zorgen we ervoor dat in de broedkamers nog voldoende verzegeld voer overblijft voor minstens drie weken.

De dag na het slingeren start de varroabehandeling met mierenzuur. Na 14 dagen en twee behandelingen kan dan gerust gevoederd worden met suikersiroop. Verder na tw ee voederbeurten, na één week opnieuw twee maal behandelen, en zo verder tot eind augustus de varroaval 0 wordt.

Bierviltjes

10 2We behandelen met bierviltjes waarin 11 à 12 gram mierenzuur (85%) opgenomen is. De bierviltjes zijn van een waslaag voorzien tot 8 à 10 mm van de rand om de verdamping binnen de grenzen te houden. Voor twee rompen gebruiken we vier bierviltjes die we op de toplatten leggen (zie Maandblad 2014/1 en 2014/6).

Andere verdampingssystemen, zoals Nassenheider of Liebig-verdamper, kunnen ook goed zijn op voorwaarde dat de verdamping in ideale omstandigheden plaatsvindt.

Oxaalzuur verdampen of druppelen

Oxaalzuur doodt de mijten niet in het broed, daarom passen we het toe in een broedloze periode tijdens de winter (eind december). Wij geven de voorkeur aan verdampen, druppelen lijkt ons onvoldoende efficiënt te zijn. Bedruppelen met een oxaalzuuroplossing mag slechts eenmaal per bijengeneratie worden toegepast. Oxaalzuur verdampen mag tweemaal naargelang de mijtenval. Voor het verdampen gebruiken we de varroxverdamper, voor twee kamers: 2 gram, voor één kamer: 1 gram oxaalzuurdihydraat. Duurtijd: 2,5 min. Verhitten, 2,5 min. Laten uitdampen en de kast nog 15 min. Gesloten laten.

Sterkaangetaste volken in de maand juli

Het is half juli en een imker uit de buurt staat hopeloos voor de deur. Hij heeft twee erg besmette volken. Wat doe je eraan? Na een behandeling met mierenzuur liggen vijf dagen daarna duizenden mijten op de varroalade. Na een tweede10 4 behandeling vallen nog steeds duizenden mijten. Zonder ingreep zijn de volken ten dode opgeschreven.

Met de goedkeuring van de imker hebben we toen alle broedramen weggenomen en vernietigd. Deze werden vervangen door mooie opgewerkte raten. De bijen bleven in de kast. Hierna hebben we de volken nog tweemaal behandeld bij goed weer (warm + droog) met mierenzuur 85%. De gemeten verdamping was nogal sterk en bedroeg ± 40 cc per 24 uur. In december hebben we dan nog eens behandeld met oxaalzuurgas. De volken waren gered, ze gaven het jaar daarop veel honing.

Besluit

Rekening houdend met al deze informatie is tot op heden de verdwijnziekte bij ons onbekend. Onze bedrijfsmethode gebeurt met gezonde bijen die veel honing produceren. Voor de hulp en informatie dank ik allen die mij van dienst zijn geweest. Vooral mijn vriend Gerard Bundervoet voor het typewerk.

Beste vrienden, gedenk dat het zonder ingrepen niet meer kan in deze tijd. Veel succes en steeds beschikbaar voor informatie. Volgende keer zullen we het hebben over een eenvoudige biotechnische methode waarbij bij het vervangen van een oude moer tezelfdertijd een bijenvolk varroavrij kan gemaakt worden.

Wilfried Demeester

Tel: 09-372.84.53, na 19 uur.